
Columnist Philippe Abbing heeft ervaring met groepjes kiezen: ‘Samenwerken mét beoordeling is andere koek’
23 april 2026 om 16:00 ColumnERMELO Ik ben niet de sportiefste. Nooit geweest ook. Bij de gym in Dinxperlo ging het groepjes maken altijd volgens een vast ritueel: drie aanstaande teamcaptains – meestal de fanatiekste types – kozen om de beurt hun spelers. Eerst de snelle jongens, dan de handige meisjes, en ergens aan het einde… stond ik nog een beetje mijn veters te strikken.
Best frustrerend kan ik je vertellen. Dat gevoel van ‘net niet nodig zijn’ blijft hangen, ook al snap je heus wel waarom. Het was bovendien zelden een verrassing. Nog vóór de eerste naam hardop werd uitgesproken, waren de teams al beklonken. Een subtiel knikje hier, een opgestoken vinger daar – de WhatsApp-groep avant la lettre.
Iedereen wil graag met vrienden samenwerken. Logisch ook: dat werkt lekker. Maar goed onderwijs vraagt soms iets anders. ,,Wisselen is goed, daar leer je van”, zeggen we dan plechtig. En dat klopt. Tot je een groepje hebt waarin één leerling het werk doet, één leerling het werk vermijdt en de rest vooral het proces observeert alsof het een natuurfilm is.
Als leraar heb ik daar heel wat hoofdbrekens over gehad. Samenwerken is essentieel – zo werkt de wereld nu eenmaal. Maar samenwerken mét beoordeling is andere koek. Dan wordt het ineens een soort groepsproject met verborgen individuele paniek.
Midden jaren ’90 gaf ik les op een middenschool waar alle niveaus door elkaar zaten. Van praktisch tot gymnasium, alles in één klas. Prachtig idee: verschillende werelden die elkaar ontmoeten. In theorie dan. In de praktijk bleek samenwerken vooral een oefening in geduld, frustratie en soms lichte diplomatieke crises. Na een paar weken waren de niveaugroepjes alsnog een feit. De gymles, maar dan met cijfers.
Ik herinner me nog een bijzonder duo: zij briljant en snel, hij vriendelijk en traag. Even leek het te werken, tegen alle systeemlogica in. Maar na een paar maanden trok ook dit niet meer. De druk werd te groot, en ze verdwenen – ieder naar hun ‘eigen’ groepje.
En dan nu coalitievorming in Ermelo. De verkenner zou het proces voor het één voor één uitkiezen moeten vormgegeven hebben. Om zo het speelveld goed te kunnen overzien. Maar ondertussen waren de vingertjes al omhoog gegaan. De teams waren al gemaakt. De vrienden zaten alweer bij elkaar.
Misschien is dat wel de les die we van die gymzaal kunnen meenemen: het werkt pas echt als iedereen het gevoel heeft dat hij ertoe doet. Niet als laatste keuze, maar als volwaardige speler. Want uiteindelijk win je geen wedstrijd met alleen je vrienden, maar met het beste team.
Philippe Abbing
Reageren op de column? Dat kan door te mailen naar de redactie op ermelosweekblad@bdu.nl.
















