
De wondere wereld van slijmzwammen: gele heksenboter en zilveren boomkussen
22 november 2025 om 17:30 Natuur en milieuVOORTHUIZEN Vandaag een onderwerp voor twee groepen lezers: degenen die in dit jaargetijde geen genoeg kunnen krijgen van paddenstoelen en voor hen die er al lang genoeg van hebben en liever over iets anders lezen. We gaan op zoek naar organismen die ‘zwam’ heten, maar het niet zijn.
Kees van Reenen
Eindelijk is de regen opgehouden, maar de lucht is nog grijs en alles is drijfnat. Zeker op de zompige lage grond langs het brede pad dat langs omrasterde schapenweiden en een strook saai jong bos vanaf de Woudweg landgoed Gerven bij Voorthuizen in loopt en hier een klein open veld kruist dat waarschijnlijk heide had moeten zijn, maar dat nu vrijwel geheel begroeid is met pijpenstrootje.
![]()
Slijmzwam gewoon ijsvingertje is in het ‘plasmodiale’ stadium al wel herkenbaar. - Kees van Reenen
In de randzone liggen hopen gesnoeide takken die er al een tijdje liggen. Nat als ze zijn vormen ze een goede voedingsbodem voor niet alleen korstmossen - vooral groot dooiermos en kapjesvingermos bedekken grote oppervlakten -, maar zeker ook voor zwammen.
PIJPKNOTSZWAM
Op de kopse kant van een dikkere tak groeit gele kostzwam, op de plaats van een afgebroken twijgje getande boomkorst en op lange stukken zitten soorten als plooivlieswaaiertje, roestbruine kogelzwam en de leukste van allemaal: pijpknotszwam. Hele stukken zijn bedekt met oranje aderzwam en een soort stekelkorstzwam, en dat is apart: een gewone paddenstoel met steel en hoed op een takje! Het is de winterhoutzwam, toch een algemene soort.
![]()
Een nog niet goed op naam te brengen boomwrat op een houtblok in omgeving Barneveld. - Kees van Reenen
BIOLOGIELES
Al dit moois echter is niet dat waar we vandaag naar op zoek zijn. Ergens aan deze takken zou iets geels moeten groeien dat geen korstmos is, maar een slijmzwam. Wat is nou een slijmzwam, vraag je je wellicht af. Dat is moeilijk te zeggen. In de biologieles op school leer je dat levende wezens te verdelen zijn over vier hoofdafdelingen: dieren, planten, schimmels en bacteriën. De werkelijkheid is ingewikkelder; ook slijmzwammen (mycetozoa; op waarneming.nl bij de paddenstoelen) vallen buiten de genoemde indeling.
![]()
Tussen jonge duizendpoten onder schors vormt een netwatje of kalknetje vruchtlichamen. - Kees van Reenen
SOORTEN EN MATEN
Slijmzwammen zijn er in vele soorten en maten. Sommige, zoals het zwart reuzenkussen dat ik ooit in het Schaffelaarsebos vond, zijn decimeters groot, terwijl familieleden als de kroeskopjes amper zo groot zijn als een speldenknop.
![]()
Twee zilveren boomkussens verschenen in tuin tegen een dode naaldhoutstam. - Kees van Reenen
FAMILIE
Het goed herkenbare zilveren boomkussen, dat ik één keer in mijn eigen tuin in Voorthuizen aantrof, behoort weer tot een andere familie, samen met boomwratten en buiskussens. Dan is er nog het opvallende gele heksenboter, onder meer gevonden in het Nederwoud, dat in één familie zit met onder andere pietepeuterige kalkkopjes, kalknetjes en kalkbekertjes, terwijl de even kleine netwatjes – waarvan ik één of twee soorten vond in het dode sparrenbos bij Stroe – weer een eigen familie vormen.
![]()
De bekendste slijmzwam is gele heksenboter, in het rijpe stadium minder geel. - Kees van Reenen
GELE SPELDENKNOPJES
Vandaag beperken we ons tot één soort, maar dan moeten we hem wel vinden. Vergeet de onderkant van de takken niet. En jawel, daar achter die stekelkorstzwam hangen gele speldenknopjes aan een steeltje. Gevonden, het troskalknetje! En daar aan die grasspriet zit het ook. En wat hangt aan dat takje voor wittigs? Ook aan een steeltje, maar een beetje watachtig. Het blijkt het rijpe stadium te zijn van hetzelfde troskalknetje.
![]()
Troskalknetje in het tweede stadium (nog niet goed te determineren) kan ook op gras zitten. - Kees van Reenen
MERKWAARDIG WEZEN
Een slijmzwam is namelijk een hoogst merkwaardig wezen dat zelfs een geheugen heeft en zijn weg schijnt te kunnen vinden in een doolhof. Er bestaan drie groepen; de meeste soorten - ook alle bovengenoemde - behoren tot de plasmodiale slijmzwammen. Die bestaan uit cellen die met elkaar vergroeid zijn tot een geheel dat kan kruipen als de amoebe uit het microscoop-practicum in de biologieles, en er dan slijmerig uitziet, vandaar de naam.
![]()
Troskalknetje in het vierde stadium, lichtgrijs verkleurd, in takkenhoop op Gerven. - Kees van Reenen
PLUIZENBOLLETJES
In dit stadium zijn de meeste soorten niet uit elkaar te houden. Dat geldt ook nog voor een volgend stadium, als de kleinere soorten een soort speldenknopjes (vruchtlichamen, net als paddenstoelen) gaan vormen. Beter op naam te brengen zijn deze in het laatste stadium, als ze openbarsten en er pluizenbolletjes verschijnen. En dat hebben we hier bij deze witte te pakken.
![]()
Troskalknetje in het vijfde stadium: rijp en klaar om de sporen te verspreiden. - Kees van Reenen
SPOREN VERSPREIDEN
Een kleine week later zijn we weer ter plaatse om de ontwikkeling te volgen. Nu is het droog, maar nergens zijn slijmzwammen te vinden. Of wacht, daar is de stekelkostzwam, en warempel: erachter hangen nog steeds de speldenknopjes, maar nu zijn ze lichtgrijs. Nog even en ze zullen openbarsten en hun sporen verspreiden.
![]()
Worstnetwatje is één van de weinige kleine slijmzwammen die onrijp al te herkennen zijn. - Kees van Reenen













