
Natuurvrienden zoeken reuzenkevers op de Veluwe: ‘Vliegende herten bestaan echt’
26 juli 2025 om 17:30 Natuur en milieuHOOG BUURLO Vliegende herten, een sprookje zeker? Nee, ze bestaan echt. Alleen zijn het geen grote zoogdieren maar kevers; wel de grootste kevers die we in ons land hebben. Eén van zijn vier kerngebieden is de Veluwe. Ecologen Bas Borgers en Jan-Willem Wilbrink weten een plek.
Speurend lopen twee jonge mannen rond een paar forse, maar niet topfitte eiken. Als ze in de onderste meters niets ontdekken, zoeken ze met hun verrekijker de hogere delen van de stammen af. ,,Dit zou de plek moeten zijn, hier heb ik ze vorig jaar nog gezien’’, zegt de langste van de twee, Bas Borgers uit Barneveld op 25 kilometer fietsen van hier op Hoog Buurlo. Ook voor de eveneens per rijwiel aangekomen Jan-Willem Wilbrink, 21 kilometer vanuit Eerbeek, is dit vertrouwd terrein.
![]()
Jan-Willem Wilbrink en Bas Borgers bewonderen een mannetje vliegend hert (onder zijtak). - Kees van Reenen
SAMEN OP PAD
Beiden werken als ecoloog bij een adviesbureau in Voorthuizen. Of ze vaak samen op pad gaan? ,,Zo min mogelijk’’, grijnst Borgers. ,,Maar we zijn met collega’s wel een paar keer de natuur in geweest.” Doordeweeks doen ze onderzoek naar beschermde dieren als hagedissen en vleermuizen; in hun vrije tijd gaan ze graag op zoek naar wat zich maar laat vinden. Bas: ,,In de herfst kom ik hier vaak voor de bronst of voor paddenstoelen. Ook ben ik vrijwilliger bij Staatsbosbeheer: boompjes zagen op de hei.”
![]()
Mannetje vliegend hert en een atalanta likken eikensap uit gaatje in de stam. - Kees van Reenen
ENORME KAKEN
Jan-Willem heeft een minstens even brede belangstelling. ,,Soms ga ik met vrienden een weekendje op pad, maar meestal alleen. Dan heb ik een paar doelsoorten en kijk ik wat ik verder tegenkom en verdiep ik me een tijdje in een bepaalde soortgroep, zoals planten of sprinkhanen.” Een doelsoort die regelmatig terugkomt, is het wettelijk beschermde vliegend hert, ’s lands meest tot de verbeelding sprekende kever, waarvan het mannetje met inbegrip van zijn enorme kaken wel acht of negen centimeter kan worden.
TOPTIJD
,,Ze zitten altijd op aftakelende eiken’’, leggen de natuurvrienden uit. ,,Ze drinken sap dat uit wonden lekt en de vrouwtjes leggen eitjes aan de voet van de boom, waar de larven dode wortels eten. Dat duurt wel vijf of zes jaar.” Juni is de toptijd voor het vinden van de volwassen kevers, maar ook in juli worden er nog genoeg gezien. Alleen vandaag zit het tegen. Nergens in de bomen kunnen de mannen iets ontdekken, terwijl dit toch een geschikte plek is.
![]()
Bas Borgers en Jan-Willem Wilbrink bij vliegend hert in een eik op Hoog Buurlo. - Kees van Reenen
HELIKOPTERTJES
Dan maar een rondje door het bos. Het pad loopt door niet erg vitaal eikenbos. ,,Hier heb je grote kans dat je vrouwtjes ziet vliegen’’, vertelt Borgers. ,,Het zijn net helikoptertjes, dus die herken je zo.” Bij het vliegen houden ze namelijk hun rugschilden, waar de vleugels onder zitten, omhoog. Het is bewolkt weer en er staat wat wind, maar in het bos is het stil. Weinig vogels en vrijwel geen insect laat zich zien - en zeker geen op ooghoogte rondsnorrende reuzenkever.
Tja, wat nu? ,,Laten we die laan nog afzoeken’’, stelt Wilbrink voor als ze weer op de open plek terug zijn. Ook hier matig gezonde eiken, iets dikker dan die in het bos. En daar is het. Op twee meter hoogte kruipt een groot donkerrood-met-zwart insect langzaam tegen een stam omhoog.
![]()
Vliegend hert met atalanta en hoornaar in een eik iets ten noorden van de A1. - Kees van Reenen
GEWEI
Op zijn kop draagt het beest iets dat veel wegheeft van een gewei; net als bij herten betekent dit dat het om een mannetje gaat. Alleen wordt dit ‘gewei’, handig om rivalen uit de boom te duwen, gevormd door de kaken van de kever. Nu zie je ook duidelijk dat bij insecten de kaken naast elkaar staan in plaats van boven elkaar, zoals bij mensen en gewervelde dieren.
Een meter of drie hoger kruipt een tweede beest omhoog en een ongeveer even ver dáár boven een derde, wellicht op zoek naar een aanmerkelijk kleiner en vandaag onvindbaar vrouwtje. Waarom ze zich juist in deze boom ophouden, is niet duidelijk. Maar er is nog een kansrijke plek: aan de overkant van de snelweg, op fietsafstand.
![]()
Mannetje vliegend hert en een hoornaar worstelen om bij de karige sapstroom te komen. - Kees van Reenen
CONCURRENTIE
Daar is het al vrij snel raak. Tegen een eik aan de rand van een open veld zit één vliegend hert, opnieuw een mannetje, sap te likken uit een gaatje in de stam. Hij heeft concurrentie van enkele vliegen, twee admiraalvlinders en een hoornaar die onder de kaken door bij het schaarse vocht tracht te komen. Dan wordt de kever het zat en geeft hij de wesp een zet. Weg jij.
Ook hier echter geen vrouwtjes. Misschien moeten de natuurvrienden daar volgend jaar nog eens voor terugkomen.
door Kees van Reenen















