
Oproep van huurdersbelangenvereniging Groene Draad; aanbod betaalbare sociale huurwoningen moet stijgen
25 juni 2025 om 12:00 WonenERMELO Het aanbod van betaalbare sociale huurwoningen en midden huur moet fors toenemen. Om die reden is het nodig dat in de periode tot 2040 alle nieuwbouwplannen in de gemeente Ermelo veertig procent sociale huur en veertig procent in het middensegment bevatten. Het is de taak van de gemeente hier actief op te sturen en hierover afspraken te maken met woningcorporaties en marktpartijen.
Dat is één van de voorwaarden die de huurdersbelangenorganisatie De Groene Draad opgenomen wil zien in de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen in de Ermelose raad. Volgens voorzitter Hans Beek moet in wijken met minder dan dertig procent sociale huurwoningen bij nieuwe ontwikkelingen tenminste vijftig procent uit sociale huurwoningen bestaan, Om deze wijze wordt, naar zijn mening, gezorgd voor een sociale mix en wordt de ongelijkheid in het dorp verkleind.
BANDEN
Om de wachtlijsten voor een sociale huurwoning terug te dringen is het volgens de huurdersbelangenorganisatie belangrijk om te zorgen dat het aandeel betaalbare sociale huurwoningen snel groeit. De sloop, verkoop en liberalisatie van sociale huurwoningen door corporaties en andere verhuurders moet wat betreft de Groene Draad verder aan banden worden gelegd.
Verkoop of liberalisatie, vindt men, kan alleen worden toegestaan als het verlies aan sociale voorraad direct wordt gecompenseerd door toevoeging van meer nieuwe woningen. Men vindt verkoop of liberalisatie niet toegestaan wanneer er niet aantoonbaar voldoende groei is van de voorraad sociale huurwoningen. Daarbij moet volgens Beek ook worden gekeken naar de spreiding van sociale huurwoningen in de wijken. Verkoop of liberalisatie kan naar zijn mening alleen worden toegestaan in wijken met een hoog percentage sociale huur, niet in wijken met een relatief laag percentage.
SLOOP
Sloop van sociale huurwoningen kan naar de mening van de Groene Draad alleen na een stevig participatietraject met de huurders. Daarin moeten gezamenlijk de verschillende scenario’s en alternatieven worden beoordeeld en moet de uiteindelijke keuze over voldoende draagvlak onder de bewoners kunnen rekenen. In de herontwikkeling moet minimaal hetzelfde aantal sociale huurwoningen worden teruggebouwd.
Beek geeft aan dat het vergroten van het aantal woningen op hetzelfde oppervlak wel consequenties heeft voor de bewoners en de buurt. Hij vindt dat daarom goed moet worden gekeken of de omstandigheden dit toelaten. Ook hier moeten voorwaarden worden gesteld aan de bewonersparticipatie.
HUREN
Ten aanzien van de huren stelt de huurdersorganisatie voor dat er een gezamenlijk onderzoek wordt gedaan naar de woonlasten van de huurders. Hierdoor ontstaat er naar de mening van Beek een gezamenlijk beeld van de financiële situatie van de huurders dat de basis kan vormen voor afspraken over de betaalbaarheid. In de lokale prestatieafspraken wordt een uitgelezen mogelijkheid gezien om goede afspraken te maken over de betaalbaarheid van de huren.
Wijnand Kooijmans











