
Gemeente Ermelo wil waarborgen bij uitbreiding Defensie
23 juni 2025 om 10:00 PolitiekERMELO De gemeente Ermelo wil constructief bijdragen aan de intensivering van de Generaal Spoorkazerne in Ermelo. Maar alleen als waarborgen worden gegeven voor onder meer de bereikbaarheid, de woningmarkt, natuur en recreatie.
Defensie is één van de partijen die ruimte vraagt maar is, zo stelt het college van burgemeester en wethouders, niet de enige die behoefte heeft aan ruimte. Om die reden wordt een zorgvuldige afweging van alle belangen en de nodigde balans noodzakelijk gevonden. Via het indienen van een zienswijze worden de belangen van Ermelo onder de aandacht van Defensie gebracht.
Ermelo is al langer in gesprek over de gewenste uitbreiding van Defensie die nu concreet is geworden. Hieruit vloeit een intensivering van het gebruik van de Generaal Spoorkazerne voort. De ruimte is, zo zegt wethouder Ronald van Veen, ook aanwezig. Van het totale terrein is nu acht hectare bebouwd terwijl dit dertien mag zijn. Dat betekent dat Defensie alleen maar een vergunning hoeft aan te vragen indien men bouwwerken op het kazerneterrein wil realiseren.
Uitgegaan wordt, zo werd tijdens een bijeenkomst in Nijkerk door Defensie aangegeven, van de legering van rond de duizend extra militairen in Ermelo. Het gaat dan onder meer om uitbreiding van het aantal onderofficieren dat hier wordt opgeleid. Dat heeft, zo geeft Van Veen aan, ongetwijfeld gevolgen voor de woningmarkt in Ermelo die al gespannen is. Maar brengt ook mobiliteitsvraagstukken mee.
Ermelo is niet gelukkig met het feit dat Defensie meer wil graven op de Ermelosche Heide. Van Veen ziet liever dat dit wordt uitgebreid op het Beekhuizerzand in buurgemeente Harderwijk waar dit nu al is toegestaan.
De wethouder verwacht dat Defensie vrijstelling krijgt van de stikstofbeperkingen die de provincie Gelderland oplegt aan ook Ermelo. Hij is voorstander van een integrale aanpak van de uitbreidingsplannen omdat deze nu verdeeld zijn over meerdere ministeries. Zo gaat Defensie zelf niet over mobiliteit maar is dit aan het ministerie van Infrastructuur.
Wijnand Kooijmans
















